Is energielabel A altijd duurder dan B? De cijfers
Niet altijd. Een ingreep tot label A kost ruwweg €8.000-€18.000 méér dan stoppen op label B, maar over een TCO-horizon van 10 jaar komen beide trajecten vaak binnen €3.000 van elkaar uit — en op meergezinswoningen kan label A zelfs goedkoper uitvallen dan B. De aanname "A is duurder" klopt alleen als je naar de kale bouwfactuur kijkt en de extra WWS-punten, hogere subsidie-stapeling, lagere energierekening en marktwaarde-stijging negeert.
Waar de mythe vandaan komt
Verhuurders die offertes vergelijken zien op papier altijd hetzelfde: label B kost minder dan label A. Logisch — een dunner isolatiepakket, gewone HR-ketel in plaats van warmtepomp, geen vloerisolatie. Maar deze vergelijking is incompleet. Drie variabelen worden vrijwel altijd weggelaten:
- WWS-puntwinst in rubriek 4 (energielabel). Label B = 32 pt eengezins / 28 pt meergezins. Label A = 36 / 32. Label A+ = 46 / 42. Verschil B → A = +4 punten, B → A+ = +14 punten.
- Subsidie-stapeling binnen ISDE en SVOH wordt pas écht aantrekkelijk vanaf 2 maatregelen. Wie alleen gevelisolatie doet voor label B, mist de tariefverdubbeling die je krijgt bij 2+ maatregelen.
- Marktwaarde-effect: NVM/Brainbay-data laat zien dat de stap naar label A of beter gemiddeld 4-7% hogere transactieprijs oplevert ten opzichte van B in dezelfde wijk.
Wat staat er werkelijk in de cijfers — TCO-vergelijking 10 jaar
Voorbeeldpand: Den Haag, 95 m² portiekwoning, gereguleerd verhuurd, vertrekpunt label D.
| Variabele | Stop op label B | Door naar label A | Door naar label A+ |
|---|---|---|---|
| Investering bruto | €22.500 | €34.500 | €52.000 |
| ISDE/SVOH-aftrek (verhuurder = SVOH) | −€3.200 | −€7.800 | −€12.400 |
| Netto investering | €19.300 | €26.700 | €39.600 |
| WWS-punten rubriek 4 (eengezins) | +23 (D→B) | +27 | +37 |
| Extra huur p/jaar (gereguleerd, à €6,52/pt/mnd 2026) | +€1.800 | +€2.112 | +€2.895 |
| Energiebesparing huurder (indirect: betere doorhuur) | n.v.t. | gunstig | sterk gunstig |
| Marktwaarde-uplift (BAR 6,5% → 15× jaarhuur) | +€27.000 | +€31.700 | +€43.400 |
| Netto-effect 10 jaar (huur + waardestijging − investering) | +€25.700 | +€33.100 | +€32.700 |
Conclusie: label A levert in dit scenario over 10 jaar een vergelijkbaar tot beter resultaat dan stoppen op B, ondanks de €7.400 hogere netto-investering. Label A+ is iets minder gunstig in puur netto-rendement omdat de extra €13.000-investering niet volledig wordt terugverdiend in extra WWS-huurpunten — maar de marktwaarde-uplift compenseert grotendeels.
Waarom B → A vaak goedkoper uitpakt dan verwacht
De échte hefboom zit in stapelen. SVOH 2026 verdubbelt het isolatie-tarief zodra je twee of meer schilmaatregelen tegelijk uitvoert. Wie van label D naar B gaat, doet typisch één maatregel (bijvoorbeeld dakisolatie + HR++-glas als één pakket geldt het ook). Wie doorpakt naar A voegt vloerisolatie en/of gevelisolatie toe — en de subsidie-route wordt dan opeens 60-80% gunstiger per m².
Bron: RVO — SVOH tarieven en stapeling en RVO — ISDE 2026.
Wanneer B-stop-strategie wél verstandig is
Niet elk pand verdient een upgrade naar label A. Drie gevallen waarin label B het juiste eindpunt is:
- Klein appartement < 50 m² in een VvE: gevelisolatie en vloerisolatie zijn juridisch en fysiek vaak onhaalbaar; label B via dak + glas is dan het maximum dat realistisch is.
- Pand in sloop/renovatie-planning binnen 5 jaar: terugverdientijd onvoldoende.
- Geliberaliseerd segment met huurder die al bovenmarkt huurt: huurder vertrekt mogelijk bij verhoging na renovatie; cashflow-risico weegt zwaarder dan WWS-puntwinst.
In de overige scenario's is doorpakken naar A verdedigbaar — en in meergezins zelfs aantrekkelijker dan in eengezins door de lagere absolute investering per m².
Wat ook meetelt — niet alleen euro's
Drie effecten die zelden in TCO-modellen verschijnen maar wel reëel zijn:
- Bbl-handhaving 2029: minimum label D voor gereguleerde huur. Wie nu naar B of A gaat, zit ruim boven de drempel en is risicovrij. Wie op E/F/G blijft, krijgt vanaf 2029 dwangsom-traject. Lees de volledige Bbl-handhaving uitleg.
- Indexatie-effect 2026: WOZ-rekenwaarden +10,6%, huurwaarden +3,65%. Een hoger label betekent doorgaans hogere WOZ — dat verhoogt zowel de WOZ-component in de WWS-puntentelling als de hypotheek-loan-to-value.
- Doorhuur-snelheid: panden met label A verhuren in Randstad gemiddeld 11 dagen sneller dan B-panden volgens makelaars-NVM data — een leegstand-week kost al snel €280 bij gemiddelde gereguleerde huur.
Praktisch: hoe bepaal je de juiste eindlabel-keuze
- Vraag een EP-online indicatie aan vóór de ingreep om te zien hoeveel marge er zit tussen huidige score en de drempelwaarden van B / A / A+.
- Reken de WWS-puntwinst door op de actuele puntenwaarde 2026 (€6,52/punt/mnd in gereguleerd). Een sprong van 27 punten levert €2.112/jaar extra op binnen het sociale segment (143 pt = €932,93/mnd) — die moet je afzetten tegen de extra investering.
- Check of je over de liberalisatiegrens (187 pt = €1.228,07/mnd) heen schiet: als label A je net tot 188+ punten brengt, kan dat strategisch interessant zijn voor toekomstige verhuur. Lees C → B label-sprong: altijd zinvol of soms verlies? voor de grens-dynamiek.
- Vraag minimaal 2 offertes met identieke scope en bekijk de subsidiabele bedragen apart.
Volgende stap
Twijfel of jouw pand op B moet stoppen of door moet naar A? Maxiko rekent vooraf de TCO-vergelijking door op basis van EP-online, WOZ, huidige huur en gewenste eindlabel. Bekijk vaste prijzen voor label-trajecten of lees verder over de route van label D naar A+ en stapelen van ISDE en SVOH 2026.
Pand met dit vraagstuk?
Stuur je adres + foto's via WhatsApp of e-mail. Quickscan binnen 5 werkdagen, geen verplichtingen.
Gratis quickscan → Prijslijst bekijken